Elke Staffordshire Bull Terrier moet, of dat zou geaccepteerd moeten zijn, drie belangrijke eigenschappen hebben, nl. type, soundness en temperament (de volgorde is onbelangrijk), of het nu om een showhond en/of toegewijde vriend gaat. Iedere hond die een tekort heeft aan één van deze drie eigenschappen is een mindere Staffordshire Bull Terrier. Een kundige keurmeester zal zo'n exemplaar beslist niet in overweging nemen.
Ofschoon deze noodzakelijke basisvereisten natuurlijk als eerste in onze gedachten zijn, is er een ander zeer belangrijk en ongewenst punt dat we niet uit het oog moeten verliezen. Een punt waar we vaak mee worden geconfronteerd en dat vaak niet opvalt, of we nemen er geen notitie van.
Dit speciale punt kan er stiekem insluipen bij diegenen die niet op hun hoede zijn, of het wordt door sommigen genegeerd. Maar in de loop van de tijd worden de fokker en de keurmeester er zich volledig van bewust dat het te laat kan zijn om terug te keren. Ik refereer aan het gevaar van overdrijvingen dat ieder ras kan overkomen.
We kunnen allemaal zien wat er is gebeurd in andere rassen. De klassieke voorbeelden die een ieder kent zijn de Bulldogs, de bloedhonden en de Duitse herders. Het is de moeite waard op dit punt te bedenken dat de problemen waar deze dieren aan lijden niet van het ene op het andere moment zijn ontstaan.
Je kunt je afvragen hoe de overdrijvingen de Staffordshire Bull Terrier beïnvloeden. We hebben allemaal van verschillende kanten gehoord dat de Staffordshire Bull Terrier een 'eerlijke' en onbedorven hond is; als dat zo is, hoe kan ons ras dan mogelijk beïnvloed zijn? Ik geloof heilig dat ons ras op bepaalde punten aan wat overdrijvingen lijdt. Vooral het hoofd, front, bone en misschien het meest serieus, de substantie die veel honden met zich meedragen.
Ik zal als eerste met het hoofd beginnen, tenslotte is het vaak het eerste deel van de hond waar we allemaal naar kijken. Als we zo'n 30 jaar teruggaan, was er altijd een variëteit in de vorm van de hoofden van de Staffordshire Bull Terriers. Tegenwoordig zien we niet meer zo veel slecht gevormde of zwakke hoofden, hoofden met ondiepe schedels, een ondiepe stop, te lange en spitse snuiten met slecht geplaatste ogen, etc. Het is zonder twijfel zo dat de hoofden in het algemeen de laatste 20 jaar sterk verbeterd zijn. Maar volgens mij zien we, in het enthousiasme en de vastbeslotenheid de hoofden te verbeteren, een flink aantal hoofden met te grote schedels, met een te diepe stop en vaak met een zeer korte snuit. Als we onze rasstandaard raadplegen, dan staat daar 'skull deep through' (diepe schedel), maar er wordt niet gevraagd om zeer grote schedels. Ik heb door de jaren heen eigenaren horen opscheppen over de schedelomtrek van hun hond, omtrekken van 20 tot 23 inch (50,8 tot 58,4 cm). Sommige van de best gevormde hoofden die ik in al die jaren heb gezien, waren zeker niet te groot, maar helaas winnen een aantal honden met deze zeer grote hoofden vaak de prijzen in de showring. Als je met sommige oude fokkers praat, terug naar de jaren 60, dan gebruikten zij de methode dat de omtrek van de schedel in relatie moest staan met de hoogte van de hond, of andersom. Volgens mij moet de trend naar een te grove hond worden beschouwd als een overdrijving.
Als volgende het front. In de rasstandaard beschreven als 'rather wide' (redelijk breed). Het zou redelijk zijn om aan te nemen dat de mensen die als eersten de rasstandaard vaststelden, de breedte van het front van de Staffordshire Bull Terrier graag vergeleken met honden als, laten we zeggen, een Fox Terrier of een Bedlington Terrier, maar in ieder geval staat in de rasstandaard niet dat het front breed moet zijn. We kunnen niettemin constant zien dat handlers de voorpoten van hun hond zo ver mogelijk uit elkaar zetten (in een omgekeerde V-vorm). Ze weten dat sommige keurmeesters zoeken naar honden met een behoorlijk breed front en niet een redelijk breed front. Deze vorm van te brede fronten, in sommige gevallen vergezeld van 'bossy' (of overladen) schouders, kan ook een reden zijn van het vaak moeilijk jongen dat sommige Staffordshire Bull Terrier fokkers ervaren. Maar in ieder geval is deze speciale eigenschap het begin van overdrijving.
We komen nu aan het meest betwiste deel van onze rasstandaard, behalve natuurlijk de hoogte/gewicht clausule. Deze clausule vraagt duidelijk om 17,5 kg voor een reu (15,4 kg voor een teef) bij de maximaal gewenste hoogte. Er is geen twijfel dat de Staffordshire Bull Terrier door de jaren heen zwaarder is geworden en we hebben allemaal wel eens honden in de ring gezien die mogelijk 23 kg of zwaarder waren, in ieder geval duidelijk meer dan 17,5 kg.
Substantie wordt in veel gevallen gezien als een voordeel en zware typen honden werden al bekroond met hoge prijzen, terwijl de balans volledig zoek was. Gewoonlijk verschijnt deze overvloedige hoeveelheid vlees rond de schouders, borst en, het slechtst van allemaal, rond de lendenen. Velen vinden dat er een grote vergissing is begaan toen in de gewijzigde rasstandaard (door de Kennel Club) de simpele, maar erg belangrijke woorden 'light in the loins' (licht in de lendenen) zijn geschrapt. Deze vier woorden zouden voor de keurmeester zeker een stevige en positieve leidraad zijn geweest op dit onderdeel en misschien was het aantal zware en logge honden dat in de showring verschijnt, verminderd.
Ik weet zeker dat, als deze vlezige honden (door sommigen) worden bewonderd, we weer geconfronteerd worden met een vorm van overdrijving.
We komen nu bij een overdrijving die ook vaak wordt bewonderd, en dat is bone, of om precies te zijn het bone van de voorpoten van de Staffordshire Bull Terrier. Ik accepteer volledig dat dit ras een voldoende hoeveelheid bone moet hebben en het allerlaatste dat we willen is een licht bone, dat is meer geschikt voor een Whippet, maar ik refereer hier aan het dikke, zware en vormeloze bone dat je ziet bij sommige honden, die dan niet in balans, zwaar, log en zeker onaantrekkelijk lijken. Het is noodzakelijk voor een Staffordshire Bull Terrier om een goedgevormde en correcte hoeveelheid bone op de voorpoten te hebben, speciaal om een bijdrage te leveren aan de totale balans van de hond.
Als wij (de fokkers) volharden in het fokken van honden met te grote schedels, te brede fronten die te veel substantie (vlees) hebben, met voorpoten met grove botten, dan zullen ze zeker niet aan de rasstandaard voldoen. Het geoefende oog van een ervaren Stafford fokker en keurmeester zullen altijd een behendige, goed in balans zijnde en toch krachtige Staffordshire Bull Terrier met de correcte en gewenste mengeling van Bull and Terrier herkennen. Maar als grote aantallen zware en logge honden, zoals hiervoor beschreven, in onze showring verschijnen, dan is de Staffordshire Bull Terrier gedoemd om onherkenbaar te worden t.o.v. de originele hond die we allemaal willen zien.
De langzame en verraderlijke voortgang van genegeerde overdrijvingen kan, in de loop der jaren, heel gemakkelijk onze aantrekkelijke en behendige hond veranderen in een soort 'armelui's bulldog'. Als die ramp ooit zou gebeuren, dan denk ik dat het schier onmogelijk zal zijn de ware schoonheid van de bouw van de Staffordshire Bull Terrier terug te krijgen.
De volle verantwoordelijkheid van het welzijn van welk ras dan ook, is altijd in handen van de fokkers en de keurmeesters.
Bron: De Stafford - Nr. 3 - 1998 (herfstnummer)